Waterjager is de eerste roman van Chris Polanen. Het boek werd mij getipt door Johan Klein Haneveld naar aanleiding van mijn wens Nederlandstalige fantasy te lezen van schrijvers met een niet-westerse achtergrond. Het is niet in de markt gezet als sciencefiction-roman, maar de setting geeft het genoeg SF-allure om het toch zo te zien. Daarnaast bevat het een hoop elementen die genreliefhebbers aanspreken.

In Waterjager is Paramaribo onder water komen te staan. Een lot dat in fictie over de toekomst vaker Nederland overkomt, maar wat in Suriname ook niet zo ver gegrepen is. Toch is dit geen boek over klimaatverandering, of een negatief beeld over de toekomst. Dat zou ook te makkelijk zijn geweest. Een setting werkt voor mij beter als het een middel is om een verhaal te vertellen en niet een manier om een punt te maken. In dit boek is het een canvas waarop de personages de ruimte krijgen om te ademen. Het zorgt voor een stad die is gestript van de meeste mensen met hun dagelijkste beslommeringen om zo alle ruimte te geven aan de personages en hun verhaal. Extreme omstandigheden creëren om je verhaal te kunnen vertellen is een beproefde strategie binnen sciencefiction en het werkt hier ook prima.

Als het verhaal niet over de overstroming van Paramaribo gaat, waarover dan wel? Het thema dat – zeker in het begin – sterk naar voren komt is het gemis van een thuis als je het gedwongen verlaten hebt. Zelfs als de stad waar je opegegroeid onder water staat is het voor hoofdpersoon Joshua toch een plek die hem trekt. Hij is op jonge leeftijd uit Suriname weggegaan naar Nederland, waar hij niet heeft kunnen aarden. Ik vond het fascinerend om te lezen hoe de dingen uit zijn jeugd – hoe ellendig de situatie ook is – nog altijd zo belangrijk voor hem zijn.

Bovenop de dystopische setting, bevat het verhaal ook een flinke dosis magisch realisme. Bovennatuurlijke gebeurtenissen worden neergezet met een vanzelfsprekendheid die vervreemdend zou kunnen zijn, maar in de tropische hitte en tussen de overstroomde straten gewoon klopt. Het tekent de reis die Joshua maakt, van iemand die nog redelijk nuchter naar de dingen kijkt, naar iemand die meegaat in de wereld waarin hij terechtgekomen is.

Naast Joshua maken we kennis met de mensen die achtergebleven zijn in de overstroomde stad. Het zijn stuk voor stuk grootse personages, waarbij JC er uitspringt als enorme persoonlijkheid, zowel letterlijk als figuurlijk. Het verhaal zit vol actie en het ligt in die zin dichter bij wat je verwacht van genrefictie dan van een literair werk. Het tempo ligt hoog, dus verwacht eerder vechtscènes dan lange filosofische passages, ook al is er zeker ruimte voor reflectie.

Tegen het einde van het boek voelde ik meer bij het woord “pireng” dan bij “piranha”

Een van de mooie dingen waar Polanen mee speelt is de taal en cultuur. Het boek zit vol lokale termen en verwijzingen naar bijvoorbeeld muziek en liedteksten die in Suriname populair zijn, maar mij niks zeggen. Toch leest het niet storend en zelfs zonder de verklarende woordenlijst achterin kom je er lekker doorheen. Tegen het einde van het boek voelde ik meer bij het woord “pireng” dan bij “piranha”, zo goed werd ik meegenomen.

Waterjager is een boek met veel lagen, waarvan ik het gevoel heb dat ik ze niet allemaal heb kunnen doorgronden. In hoeverre is het overstromen van Paramaribo een politiek statement? Daarvoor ken ik de situatie niet goed genoeg. Het feit dat het toch een sterk verhaal is getuigt ervan dat het op een heleboel verschillende manieren werkt.

Een interessante setting, een flinke snuif magisch realisme en een hoop actie maken Waterjager voor mij een fijn boek om te lezen. Dat het is ingepakt in een jas van taal en cultuur waar ik veel nieuws in heb kunnen ontdekken maakt het alleen maar mooier. Het is geen doorsnee sciencefiction-roman, maar het is een boek dat zich leent voor het scheppen van begrip zonder dat het belerend probeert te zijn. Dan heb je een mooi doel bereikt, wat mij betreft.