Dus jij bent Sergio Wilhem Wang-von Luhfthoven. Mijn neef zegt dat je even geslepen bent als de kromtand van een mistwief. Ik hoop dat hij niet overdrijft en het inderdaad de moeite waard was je op onze kosten hierheen te halen.

Sergio vond het moeilijk te geloven dat de kleine, massieve graafopzichter Buldurs Ogaine een volle neef was van de flamboyante Paouluz de Drie-in-Een-Hand.

Buldurs Ogaine ging gehuld in een louter functioneel beigebruin broekpak met massieve been- en schouderversterkingen. Zijn ronde hoofd met dikke beenrichels leek geen helm nodig te hebben en de klauwhanden konden waarschijnlijk moeiteloos een brok erts zonder machinerie uit de oude ruïnes wrikken.

Voordat Sergio kon antwoorden, beefde de vloer van de Zuil merkbaar en klonk er een dof gerommel boven de niet aflatende huilende wind uit. Buldurs Ogaine scheen het niet eens te merken, maar een moment lang vroeg Sergio zich af of de Zuil toch wel bestand was tegen het onophoudelijke natuurgeweld van Oud-Drendor. De Zuil was weliswaar rank en bekleed met lagen materiaal waardoor de wind en de zwaartekrachtverstoringen geen vat hadden, maar het was wel de enige manier om van de planeet te geraken. Niet dat Sergio zich zorgen over zijn lot hoefde te maken. Als het onmogelijke echt zou gebeuren en de Zuil inderdaad open zou barsten zou hij niet lang lijden. Zelfs in het allerbeste atmosfeerpak overleefde een persoon hooguit enkele minuten op de oppervlakte van Oud-Drendor. Sergios reispak zou waarschijnlijk niet meer dan tien seconden standhouden.

Ik was toevallig in deze sector toen ik Paouluz bericht kreeg. Zijn boodschap was uiterst summier. Feitelijk niet veel meer dat hij mij dringend aanraadde bij u op bezoek te gaan en dat ik u misschien van advies kon dienen. Buldurs Ogaine, wat is het probleem waarmee u kampt?

Je draait tenminste niet om te zaken heen. Goed. Wat weet je van deze plek, Sergio?

Niks wat er niet in de informatiesfeer staat. Oud-Drendor was ooit de schitterende hoofdplaneet van het mugolyaanse Rijk van de Gele Hoorn. Zevenhonderdvijftigduizend jaar geleden kwamen de garinmandaars en zij vernietigden al het leven op de planeet met vreselijke wapens. Het gebruik van die exotische wapens zorgde voor een kolkende, semi-levende atmosfeer met een uiterst agressieve aard. Nu waren er zwaartekrachtstormen, antimaterie-vlagen, ranselende scherfregens. Omvergeblazen bouwwerken rolden als sprietjes over de oppervlakte, of vlogen soms zelfs door de lucht. Oceanen van zuur produceerden door de voortdurende aardbevingen een hoge frequentie aan tsunamis. Drie eeuwen geleden lukte het de Condrax Bergings Brigade om de Zuil neer te laten op het oppervlakte en sindsdien dolf het bedrijf als enige op Oud-Drendor met behulp van behemothgraafmachines. Het was een kostbare maar ook uiterst winstgevende operatie. Over heel Oud-Drendor waren vele zeldzame materialen en antieke artefacten te vinden.

Een nieuwe beving deed het gebouw sidderen, iets minder sterk dan de vorige. Sergio negeerde het verschijnsel zo goed hij kon. Buldurs Ogaine leek zich er geen zorgen over te maken. We zijn veilig hierbinnen.

Ondertussen knikte de graafopzichter. Dat is het belangrijkste, veel meer valt er niet te weten. Behalve dat iets of iemand onze behemoths overvalt. De laatste week zijn er vier gesaboteerd terwijl ze buiten aan het graven waren. Contact is buiten onmogelijk, maar toen de graafmachines niet op tijd terugkeerden, zijn we gaan kijken. We vonden ze opengebroken en dood: de schilden hadden het begeven, alle energie was weggelekt, de systemen waren vergaan tot louter ruis en de bemanning was perma-dood. Er was te weinig van ze over om ze weer tot leven te wekken. Ik ben vier machines kwijtgeraakt, maar wat belangrijker is, zestien man.

En de ladingen? wilde Sergio weten. Een deel van zijn geest was koel en rationeel, een ander deel huiverde over de obsceniteit van de perma-dood van zestien intelligente wezens.

De opslagtanks stonden open en de lading was verdwenen. Sommigen zeggen naar buiten gezogen, maar ik zeg gestolen. Er zijn vuige piraten aan het werk! Maar ze moeten zich nog op het oppervlakte bevinden. Ons bedrijf heeft een uitgebreid netwerk van sensoren om de planeet en in de rest van het stelsel hangen. Niks komt hierbinnen, of gaat weer weg zonder dat wij er weet van hebben. En volgens de sensoren heeft niets deze puist verlaten. Buldurs Ogaines woede was haast tastbaar. Hij balde zijn vuisten en zijn pupillen vernauwden.

Ik kan het probleem bekijken en proberen te doorgronden wat er hier aan de hand is, maar ik heb toegang nodig tot alle informatie: onderhoudsrapporten, personeelsdossiers, weerverslagen… alles. Misschien zal ik ook het personeel willen spreken.

Buldurs Ogaine knikte en gebaarde naar het bureau en de werkzuil zonder opsmuk. Mijn kantoor en het bedrijfsinformatienetwerk staan tot je beschikking. Momenteel ligt alle het werk stil, en elke dag kost ons een klein vermogen. Je hebt twee dagen om te ontdekken wat er aan de hand is.

Sergio opende zijn mond al voor een antwoord, maar Buldurs Ogaine was nog niet klaar. Hij hief een van zijn gespierde vingers. Wel een waarschuwing, Sergio Wilhem Wang-von Luhfthoven. Ik ken mijn neef goed, en ik weet hoe hij zijn kredieten bij elkaar krijgt. We betalen je een vorstelijk consultatiesalaris en een bonus als je de zaak oplost, maar daar blijft het bij. Mijn assistent is een cybernaute en zij zal je gebruik van het bedrijfsnetwerk monitoren. Als er malversaties opduiken, schiet ik je met de eerste lift weer naar boven zonder gage, en speel ik je naam door aan Bovenzwermse Handhaving Bureau. Het wordt moeilijk je professie uit te oefenen als ze eenmaal lucht van je hebben.

Sergio boog. Het is goed om duidelijk te zijn, zodat er geen misverstanden ontstaan. Maar wees gerust, een vriend van Paouluz is een vriend van mij.

Dan hoop ik dat je een beter geheugen hebt dan ik, want ik kon nooit bijhouden wie Paouluz vriendjes allemaal waren.


Zoals elke cybernaut had Mizene Cur-AC een metalen vizier over haar ogen waarmee ze het heelal waarnam. De humanoïde vrouw had een zachtroze huid, een kaal hoofd, lange oorlellen en een spitse kin. Zij droeg een zwartrood jasje met enorme pofmouwen en driedubbele rijen van dofkoperen sierknopen. Daaronder was een donkergele tulpjurk met beenlange splitten zichtbaar.

Aangenaam, eerpersoon Wilhem Wang-von Luhfthoven. Haar slanke hand met felrode nagels sloot zich om die van Sergio. Ik heb eerpersoon Ogaines werkzuil voor u geprepareerd. Ik zal u laten zien hoe het systeem is ingedeeld.

Dank u, maar ik zou eerst graag een rondleiding door de faciliteiten willen krijgen. Kunt u dat regelen?

De cybernaute sprak na een halve tel. Ik heb de schemas van de Zuil in de werkzuil geladen.

Sergio glimlachte. Nee, ik bedoel een fysieke rondleiding. Data is enkel een representatie van de werkelijkheid, gefilterd door de aannames van degene die ooit het model opstelde. Ik wil de werkelijkheid met mijn eigen zintuigen waarnemen en mijn eigen model scheppen.

Aan de fronsrimpels op haar voorhoofd was het duidelijk te zien dat Mizene Cur-AC het verzoek hoogst curieus vond, maar zij sprak: Vanzelfsprekend, eerpersoon Wilhem Wang-von Luhfthoven. Als u mij wilt volgen.

Op één voorwaarde. Noem mij alsjeblieft Sergio. Elke keer Wilhem Wang-von Luhfthoven is een mondvol.

De fronsrimpels waren weer heel even terug. Tot uw dienst, eerpersoon Sergio.

Sergio.

Tot uw dienst, Sergio.


Aan de planeetkant besloeg het bewoonde deel van de Zuil niet meer dan tachtig verdiepingen, allen gegroepeerd rond de centrale liftschaft. Onder de woonlagen waren diverse enorme opslagruimtes voor de erts en de raffinaderijen te vinden, plus de garage voor de behemothgravers. Boven de woonlagen waren generatoren en andere machinerie te vinden.

De Zuil ligt niet begraven in de bodem van Oud-Drendor, begrijp ik? vroeg Sergio.

Dat klopt. Gepolariseerde zwaartekrachtankers houden de Zuil op zijn plaats, maar de bodem van de toren zweeft iets boven de oppervlakte van de planeet, verklaarde Mizene Cur-AC. De planeetoppervlakte is te instabiel en ronduit te vijandig. De gravers worden neergelaten en weer opgehaald. Wat wilt u eerst zien, Sergio? Die zwaartekrachtankers wellicht? Of de garage met de behemoths?

Sergio schudde zijn hoofd. Ik begreep dat het bedrijf een archeoloog in dienst heeft, ene Shishbaum Hulonius? Ik zou die graag eerst willen spreken. Hij kan mij vast meer over de planeetgestalt van Oud-Drendor vertellen.

Voor de vernietiging had een planeetbrein Oud-Drendor bestuurd. De garinmandaars hadden met hun superwapens vrijwel al het leven op de planeet weggevaagd, maar ze waren er niet in geslaagd heel het planeetbrein te vernietigen. Volgens de gangbare theorieën leefde een zwaar beschadigde en verwrongen versie van die intelligentie nog als een planeetgestalt voort in de energiekolken van de planeet, en was hij verantwoordelijk voor de onophoudelijke verwoestende chaos. Tot op heden waren alle pogingen om in contact te treden met de planeetgestalt op een mislukking uitgelopen.

Mizene Cur-AC haalde nuffig haar schouders op. Eerpersoon Hulonius is geen voorstander van de theorie over een intelligente planeetgestalt, maar ik zal u meenemen naar zijn kantoor. Volgt u mij maar.

Sergio gaf gehoor aan haar oproep en liep achter de heupwiegende cybernaute aan door de gangen van de alweer sidderende Zuil. Het stelde hem in hoge mate gerust dat ook Mizene Cur-AC het natuurgeweld volledig negeerde.


Shishbaum Hulonius was een humanoïde man met dun rood haar en een smalle, haast vogelachtige schedel. De persoon droeg een atmosfeermasker over de mond en een karmozijnrode band van glas over diens ogen. De informatiesfeer – via de Zuil kwam een signaal binnen – gaf Sergio geen uitkomst over het ras van de archeoloog, wat deed vermoeden dat het uiterlijk berustte op een persoonlijke keuze. Verder was hij gehuld in een veelkleurig hemd, een korte multilagenbroek die tot aan de knieën reikte, en gemakkelijke sandalen.

Op Sergios vraag naar de plaatgestalt maakte Shishbaum Hulonius een afwerend gebaar. Het is niet mijn expertise, ik ben hier in dienst om de waarde van de gevonden artefacten te bepalen, maar inderdaad, ja. Deze planeet heeft een aantoonbare persoonlijkheid, maar vele onderzoeken hebben uitgewezen dat die duidelijk onder het wettelijke bewustzijnsniveau voor erkenning als individu ligt. Het is ongeveer even bewust als een primitief en hoogst agressief dier.

Maar de sabotage van de gravers en de perma-dood van de bemanningen, kan dat geen teken zijn van een beginnende intelligentie van de planeet?

De roodharige archeoloog blies een paar groene wolkjes uit. Ze roken vaag naar pepermunt met een hint van chloor. Ik ben in dienst van Condrax Bergings Brigade dus ik sta zeker niet neutraal in deze kwestie, maar er worden jaarlijks testen gedaan om te zien of de planeetgestalt intelligenter wordt. De afgelopen drie eeuwen is daar niets van gebleken.

Sergio keek de werkkamer van Shishbaum Hulonius rond. Op planken lagen kleine brokstukken van het grootse verleden van de planeet uitgestald: een handvol keramieken scherven, een figuurtje van een zespotig wezen dat wellicht ooit als speelgoed of religieus voorwerp had gediend, gecorrodeerde datablokken, een streng met veelkleurige draden waaraan doffe kralen waren geregen. Het Rijk van de Gele Hoorn had ooit een miljoen zonnen omvat, nu waren mugolyanen een zeldzaam anderlingenras in de Petrôn Zwerm. Her en der waren groepjes van een paar miljoen te vinden, maar van de grootsheid van de mugolyanen en ook hun doodsvijanden, de garinmandaars, was niets meer over.

Maar zulks valt niet uit te sluiten? vroeg Sergio. De planeetgestalt kan recent intelligenter zijn geworden en doelbewust de behemoths hebben aangevallen?

In de totaliteit van het universum valt niets uit te sluiten. Ik heb voorman Buldurs Ogaine al aangeraden het jaarlijkse onderzoek te vervroegen, maar in plaats daarvan liet hij u komen. Als de planeetgestalt van Oud-Drendor zich inderdaad aan het herstellen is, zal Condrax Bergings Brigade het veld moeten ruimen. Met de planeet als een erkend individu, vervallen alle voorgaande rechten. Condrax Bergings Brigade zal dan moeten onderhandelen met de planeetgestalt van Oud-Drendor.

En daarmee staat ook Shishbaum Hulonius baan op de tocht. Het is dus niet verwonderlijk dat hij geen aanhanger is van een intelligent Oud-Drendor.

Ik dank u zeer voor uw inzichten, waarde Shishbaum Hulonius. Mocht u nog iets te binnen schieten, dan houd ik mij aanbevolen.

Een dun sliertje groene rook kwam uit het ademmasker. Ik hoop dat u snel ontdekt wat er aan de hand is. Nu het delven stilligt, krijg ik ook geen nieuwe stukken binnen. Ik heb nu tijd om achterstallig werk in te halen, maar de situatie moet niet te lang duren!

Maakt u zich geen zorgen, sprak Sergio luchtig. Ik ben nog geen mysterie tegengekomen dat ik niet uiteindelijk heb ontrafeld.

Mizene Cur-AC en Sergio lieten het kantoor van Shishbaum Hulonius achter hen en liepen verder door de brede gangen.

Waarheen nu, Sergio?

Ik zou graag de voorvrouw van diverse graafploegen willen spreken: Mangaï Keln.

Weer een fractie van een moment stilte terwijl Mizene Cur-AC bekeek wat de mogelijkheden waren. Uhm, die heeft momenteel haar nachtcyclus, maar volgens haar agendabrein is zij, zodra zij wakker is, wel bereid om u tijdens het ontbijt te spreken. Dat is over enkele uren.

Goed, dan bestudeer ik eerst wat rapportages in de werkzuil. Ik begrijp dat u mij daar nauwlettend bij in de gaten moet houden?

Dat is mij inderdaad opgedragen, Sergio.

Sergio glimlachte. Ik kan mij slechter gezelschap wensen. Als je de afspraak met de voorvrouw wilt maken zodra zij wakker is, Mizene, dan kunnen we ondertussen onze tijd nuttig besteden.

Een korte glimlach geleed over de lippen van de cybernaute. De afspraak is nu gemaakt. Mangaï Keln is wel een jeeligyynse, dus ik hoop dat u het niet erg vindt om… Mizene Cur-AC sloeg de armen om zich heen ten teken hoe koud het kon worden.

Ik heb mijn reispak, maar u hoeft er niet bij te zijn als u niet wilt.

De cybernaute schudde haar hoofd. Ik ben er om u te helpen, Sergio. Mangaï heeft buiten haar kamers overjassen hangen voor bezoekers. Ik red mij wel.

Prima, maar laten wij eerst in een warmere omgeving kijken wat de werkzuil te bieden heeft.


De muren en het plafond van Mangaï Kelns kamers waren bedekt met ijspegels, maar gelukkig waren er aan de rand van het leefbad een aantal stoelzuilen voor niet-jeeligyynse bezoekers.

Getweeën waren Sergio en Mizene Cur-AC aldaar gezeten terwijl voorvrouw Mizene Cur-AC in het bad de laatste resten van haar ontbijt – een mengsel van kristalalgen en zeemaïs – verorberde. De jeeligyynse droeg een rode kleefkimono met abstracte lijnpatronen en een kanten slaapmuts die onder haar zeefbaard was vastgeknoopt. Zij dreef grotendeels net op het oppervlak van het supergekoelde ijswater: de temperatuur in de kamer lag een handvol graden onder nul, maar speciale verbindingen in het water maakte het onmogelijk dat het bevroor. Onder een bepaalde temperatuur stolde het water tot grove korrels, zonder tot ijs te transformeren.

Wij delven pas vier maanden op dit deel van de planeet. Op andere plekken hadden wij nooit moeilijkheden, verklaarde Mangaï Keln via een spraakgenerator. Haar stembanden waren niet geschikt voor de frequenties van humanoïde spraak. Pas sinds we de Zuil hiernaartoe hebben verplaatst, hebben wij dit soort problemen.

Sergio bekeek de ontginningsverslagen in het bedrijfssysteem. Waarin verschilt dit deel van de planeet met de vorige delen? En dan bedoel ik vooral de informatie die niet in de rapporten te vinden is.

De voorvrouw in het bad bewoog twee van haar rugvinnen. Qua erts en winning is het niks anders dan de vorige wingebieden. Die archeoloog, Shishbaum Hulonius, zegt dat hier de hoofdzetel van die oude beschaving lag. Alle belangrijk gebouwen. Maar voor de winning maakt het niets uit. We vinden zwaar erts en exotische verbindingen, en zo nu en dan een artefact. Maar of het nou hun paleis was, of een vuilverwerkingsfabriek, dat maakt voor ons niet uit. Het is allemaal oud en vergaan. Wij delven tussen het gruis. Er was natuurlijk wel dat ene artefact, twee weken geleden, voordat de problemen begonnen.

Sergio blikte naar Mizene Cur-AC naast hem. Geen van de rapportages van de afgelopen weken noemde de vondst van een artefact.

De cybernaute zweeg echter.

Mizene, over wat voor artefact heeft voorvrouw Keln het? vroeg Sergio.

De kale vrouw veegde een pluisje van haar rok. Uhm, het was niet zozeer een artefact, meer een… incidentje.

In het bad snoof Mangaï Keln. [“]{dir=rtl}Een incidentje?” Bij het zuur van mijn kleine maag! Het was wel degelijk een artefact, en zeker een eerste klas incident. De implosie van die verzameling datablokken maakte de boorarm van de graver zeker een uur lang onbruikbaar. We moesten de hele boel opnieuw opstarten. Het staat allemaal in het rapport wat ik heb ingediend.

Waar is dat rapport, Mizene? Graafopzichter Ogaine heeft mij toegang tot alle informatie gegeven.

Ik… Het heeft de status vertrouwelijk. Ik weet niet of…

De archeoloog Shishbaum Hulonius had in zijn graver onderzoek gedaan naar een bepaald deel van een ruïne en had die plek gemarkeerd als potentieel wingebied voor artefacten, sprak Mangaï Keln.

Mangaï! riep Mizene Cur-AC. Dat is vertrouwelijk!

Pfff! Er zijn vier bemanningen gestorven, ik ga geen dingen onder een rots wegstoppen! De jeeligyynse keek Sergio aan met haar zwarte ogen. Wij groeven daar met grote voorzichtigheid, en stuitten bijna direct op een holle ruimte die was afgesloten door een lading los puin. De ruimte bevatte een hele batterij mugolyaanse datablokken, van die stervormige dogdecahedrons. Zeker een stuk of twintig. Maar zodra we de boel begonnen te scannen, implodeerden de blokken en kwam er een enorme energieontlading vrij.

Sergio leunde voorover. Wat voor energieontlading? Was het willekeurig, of zat er een patroon in?

Geen idee. De database van de graver werd door de ontlading gewist. De bemanning had geluk dat ze de graver weer aan de praat kregen en had het te druk om te kijken wat het verschijnsel nou precies was.

Voorvrouw Keln, was het mogelijk dat die datablokken een virtuele persoonlijkheid bevatten? Bijvoorbeeld een opstartkopie van de planeetgestalt?

Mogelijk? Ja. Die datablokken hadden er genoeg ruimte voor. Maar of dat het echt zo was, weet ik niet. Ik weet wel dat er daarna zestien lieden zijn gestorven. En niets is dat waard.

Sergio stond op en boog. Ik dank u, voorvrouw Mangaï Keln. Uw eergevoel siert u.


Sergio was klaar met het bestuderen van het rapport over het incident met de datablokken en keek Mizene Cur-AC aan. Waarom kreeg graafopzichter Ogaine dit rapport niet, Mizene?

De cybernaute staarde naar de grond, heel haar houding drukte verslagenheid uit. Het is mijn taak de hoofd- van de bijzaken te scheiden voor de graafopzichter. Kleine incidenten zonder directe gevolgen zijn van geen belang voor de voortgang van het werk. Ik borg het op zonder kwaadwil. Maar toen de eerste behemoth niet terugkeerde … Ik ben naar Shishbaum Hulonius gegaan, maar hij verzekerde mij dat de zaken geen verband met elkaar hielden. Volgens hem was het zo goed als onmogelijk dat de datablokken de planeetgestalt hadden hersteld tot een bewust en intelligent leven.

En Shishbaum Hulonius repte met geen woord over het hele incident tegen mij, constateerde Sergio.

Hij gelooft, denk ik, oprecht niet dat het mogelijk is.

Op dat moment beefde de vloer en muren en Sergio greep het tafelblad beet. Is het mijn verbeelding, of was dat een zware aanval?

Mizene Cur-AC keek met haar stalen vizier Sergio aan. Deze was wel wat zwaarder dan normaal, ja.

Sergio trok uit het bedrijfssysteem de frequentie en sterkte van de schokken. Er zat duidelijk een opgaande lijn in, maar heel de grafiek bestond uit hoge pieken en diepe dalen. Was dit het begin van een grotere trend, of louter toeval?

Wat… Wat ga je nu doen, Sergio? vroeg Mizene.

Ik ben ingehuurd voor twee dagen, en ik ga verder met mijn onderzoek. Als ik aan het eind van die twee dagen overtuigd ben dat de planeetgestalt van Oud-Drendor inderdaad terug is in een volwassen vorm, wordt mijn aanbeveling dat te laten onderzoeken door specialisten. Eerst wil echter alle andere mogelijkheden uitsluiten.

Andere mogelijkheden?

Graafopzichter Ogaine repte van piraten en ik kan zelf nog wel wat andere opties bedenken. Ik wil die eerst met zekerheid uitsluiten.

Mizene Cur-AC rilde en vroeg met kleine stem: En wat ga je met mij doen, Sergio? Misschien heb ik wel de dood van die zestien lieden op mijn geweten. Als ik dat verslag niet voor graafopzichter Ogaine had achtergehouden…

Ik betwijfel of hij het werk alleen op basis van een incident had stilgelegd. Pas bij de vierde serie doden staakte hij het werk.

Nee, Sergio. Hij liet alle gravers terugkomen toen de eerste doden werden ontdekt. Maar toen bleken er nog drie andere ploegen te zijn verongelukt. Vergeet niet, communicatie is niet mogelijk buiten de Zuil. Ondanks zijn manier van doen, is Buldurs Ogaine een goed man. Ik… Ik voel mij verantwoordelijk voor wat er is gebeurd.

Geen enkele rechter zal je verantwoordelijk houden, noch de archeoloog Shishbaum Hulonius, alhoewel hij misschien beter had moeten weten. Als er echt een planeetgestalt verantwoordelijk is, zal Condrax Bergings Brigade van Oud-Drendor moeten vertrekken en zullen specialisten contact opbouwen met de nieuwe persoonlijkheid. Wat die daarna wil, valt nu niet te zeggen. Maar ik benadruk het woord [“]{dir=rtl}als”. Niets is op dit moment zeker. Nader onderzoek is vereist.

De cybernaute schokschouderde. Haar stem klonk verstikt: Ik voel mij wél verantwoordelijk. Ik had beter moeten weten! Ik… Ik…

Zij was een zielig hoopje mens, en Sergio kon zich niet bedwingen. Hij nam haar in zijn armen. Kom, maak je geen zorgen. Je kon er niets aan doen.

Houd me vast, fluisterde Mizene Cur-AC. Ik…

Sssh.

Haar lichaam voelde warm en zacht aan. Toen zij hem de eerste keer kuste, wees Sergio haar niet af. En ook niet bij de tweede kus, of daarna.

Buiten de Zuil huilde de planeet Oud-Drendor.


En, zijn er al vorderingen, Sergio? Mizene Cur-AC lange felrode nagels tikten tegen de mok pruttelende drensemkoffie die zij voor Sergio neerzette.

Alle sporen van hun geïmproviseerde samenzijn waren alweer uitgewist. Het was een soort gedeelde waanzin geweest, een paar intieme uren die voor eeuwig verborgen zouden blijven voor de buitenwereld. Sergio had zich nogmaals op de informatie in het bedrijfssysteem gestort, terzijde gestaan door Mizene. Inmiddels waren zij vijf uur verder en had Sergio alles doorgespit, maar geen duidelijke aanwijzingen gevonden die andere mogelijkheden ondersteunden.

In tegendeel. Buldurs Ogaines theorie dat er piraten aan het werk waren, had Sergio nu definitief verworpen. Het was onmogelijk voor een ruimtepiraat, of wie dan ook, om op Oud-Drendor te landen en er een geheime basis te stichten. En dan was er nog het bijkomende probleem om het waardevolle erts van de planeet af te krijgen. Ruimteschepen werden weggevaagd in de atmosfeer van Oud-Drendor. De ruimtelift van de Zuil was de enige manier om spullen en personen te vervoeren, en alles wat omhoogkwam, werd grondig gecontroleerd. In zulke omstandigheden was smokkel zo goed als onmogelijk. Nee, korte termijn gewin van piraten leek niet het motief te zijn.

Sergio had ook overwogen of een lange termijn doel wellicht een rol speelde. Wilden concurrenten van de Condrax Bergings Brigade de boel stilleggen om financiële schade te berokkenen en eventueel in de toekomst de operatie voor een habbekrats over te kopen? Het klonk waarschijnlijker, maar in de praktijk sneed de theorie geen hout. Er waren niet veel mijnbedrijven die onder het soort zware omstandigheden als op Oud-Drendor konden werken en de onderlinge verhoudingen tussen de diverse spelers zaten meer in het spectrum van $1samenwerking met het oog op gezamenlijke winst dan moordende concurrentie en slinkse sabotage. Bovendien was er voor deze sabotage op zijn minst passieve hulp van binnenuit nodig geweest. Het grootste deel van de tijd had Sergio geconcentreerd op de personeelsdossiers en geregistreerde sociale interacties, maar dat had frustrerend weinig opgeleverd. Ook ondergingen alle werknemers in de Zuil iedere twee weken een psychocheck op gebieden als geestelijke stabiliteit, loyaliteit en dergelijke, en daar waren geen opvallende zaken te vinden. Een lange termijn complot had zeker subtiele aanwijzingen op het gebied van stress en schuldgevoel of anders triomf en heimelijke voldoening opgeleverd. Volgens de psychochecks waren er geen samenzweerders in de Zuil.

Mizene, hoe ver weg is die plek waar het incident met die datablokken plaatsvond? vroeg Sergio.

Het een uur buitengaats, maar Buldurs Ogaine heeft verboden dat er behemoths naar buiten gaan. Hij wil niet nog meer bemanningen riskeren.

Maar Shishbaum Hulonius heeft zijn eigen terreinwagen, een kleiner en sneller model. Hij kan mij mee naar buiten nemen. Ik wil die plek bezoeken, ik denk dat daar belangrijke aanwijzingen zijn te vinden.

Mizene Cur-AC huiverde. Naar buiten? Maar dat is levensgevaarlijk!

Sergio haalde zijn schouders op. Ik kan mijn geld niet verdienen door op mijn achterste te blijven zitten. Wil je contact opnemen met de graafvoorman en de archeoloog? Ik wil zo snel mogelijk naar buiten. En jij hoeft niet mee. Buiten heb ik geen verbinding met het bedrijfssysteem, of wat voor systeem dan ook. Ik wil dat je hier veiling binnen blijft.

Dank je, Sergio, sprak Mizene Cur-AC. Ik weet niet of gedurfd had om … Ik ga het regelen.

Terwijl Mizene Cur-AC via gedachtenspraak contact zocht met beide mannen, leunde Sergio achterover. Door de zetel heen voelde hij de Zuil trillen.


Ik vind het nog steeds onzin, sprak Shishbaum Hulonius terwijl groene rookwolkjes aan zijn ademmasker ontsnapten. Het is dat graafopzichter Buldurs Ogaine er op staat, maar anders… Ik heb die ruimte grondig onderzocht, u heeft die rapporten gezien! Er is daar niets te vinden.

De archeoloog zat samen met Sergio in een zwaar gepantserde terreinwagen, ongeveer even groot als een huis. Het grootste deel van het voertuig was opgebouwd uit curlbon, het taaiste materiaal in het universum. Daarnaast was het volgestouwd met schildgeneratoren, nanoschermen en tientallen andere afweersystemen.

Nochtans wil ik het met eigen ogen bekijken, zoals ik Mizene Cur-AC al eerder uitlegde. Ik kan niet afgaan op de werkelijkheid die anderen mij laten zien.

Shishbaum Hulonius antwoordde met een ergerlijk gesis en een houding die duidelijk uitdrukte dat hij niet gelukkig was.

Alle systemen staan op groen, klonk de gemoduleerde stem van Mangaï Keln. De voorvrouw had persoonlijk de terreinwagen gecontroleerd en stond op het punt het voertuig naar buiten te takelen.

Sergio keek naar het beeldscherm. Hij zag de jeeligyynse in haar koelpak naast Buldurs Ogaine en Mizene Cur-AC staan. Ze waren allen gekomen om hem een goede reis te wensen.

Hier ook alle systemen op groen, antwoordde Shishbaum Hulonius.

Mooi, we gaan beginnen. Houd je vast.

Enorme takels grepen de terreinwagen vast en deden hun werk. Binnen in het voertuig viel er nauwelijks iets van de schommeling te merken.

De deuren gaan nu open.

Onder het terreinwagen schoven zware luiken langzaam opzij. Sergio zag op de diverse beeldschermen een duisternis met striemende strepen vuil bruin. Langzaam begon de wagen te zakken.

Eenmaal vrij van de luwte van de hangaar, kreeg de wind vat op de terreinwagen en plots schommelde die statig heen en weer als de klepel van een van de mijlklokken op Cenetreanux Ont. Sergios lichaam begon een misselijkheidsreflex te onderdrukken.

De afdaling duurde een twintigtal tellen, en elke tel nam het schommelen en de impact van het natuurgeweld toe. In de Zuil waren de geluiden nog gedempt geweest, maar hierbuiten was het een kakofonie van gebulder, gehuil, geknetter en gekraak.

Shishbaum Hulonius bleef onmededeelzaam en onbewogen.

Met een dreun landde de wagen op de bodem en kabels maakten zich los. Ondanks het gewicht, schudde het voertuig duidelijk.

De roodharige archeoloog zette de automatische piloot aan en de wagen zette zich in beweging. De wagen rijdt naar de vindplaats. We gaan daar absoluut niets vinden, en de hele reis is verspilde tijd, voorspelde hij. Er is geen intelligente planeetgestalt.

Iets heeft de perma-dood van zestien lieden op zijn geweten. Een falende behemoth is al een unicum, vier falende behemoths is het bewijs van kwaadwil.

Hmpf. Als die perma-doden er niet waren geweest, waren we nu nog gewoon aan het delven, wel of geen planeetgestalt. Condrax Bergings Brigade heeft te veel kredieten in dit project geïnvesteerd om zich zomaar terug te trekken. Pas negen jaar geleden heeft men de Zuil terugverdiend. De echte winst moet nog komen.

Daar ben ik mij van bewust, sprak Sergio droog. Zeg, die mugolyaanse artefacten, is daar veel vraag naar?

Het levert zeker kredieten op, maar het echte geld zit toch in het erts. De artefacten zijn oud, uniek en er zit een interessant verhaal aan vast. De meeste gaan naar verzamelaars hier in de Zwerm, en in de Melkweg.

De terreinwagen bromde en reed, en wiegde zo nu en dan heen en weer bij een extra sterke windvlaag. De beeldschermen lieten niet veel meer zien dan ranselende vlagen stof. Zelfs met de lampen en multi-spectrum sensoren viel er niets anders te zien. De wagen kon net zo goed rondjes rijden. Voortgang zonder automatische piloot was volkomen onmogelijk.

Wat zijn de mooiste stukken die je bent tegengekomen hier op Oud-Drendor? vroeg Sergio om de tijd te doden.

Voor het eerst toonde Shishbaum Hulonius iets van enthousiasme. Ah, dat was vier jaar geleden, op de vorige plek waar we dolven. Op een dag …

Shishbaum Hulonius kon met passie over de diverse vondsten vertellen. Oude gebruiksvoorwerpen en de resten van technologie, een stuk van een reliëf, een mozaïek plafond dat na al die tijd nog grotendeels intact was.

Opeens stopte de wagen abrupt, en tegelijkertijd vielen de lichten en beeldschermen uit.

Het geluid van buiten verdrievoudigde direct en de terreinwagen schudde woest heen en weer: de dempers waren ook duidelijk inactief.

Wat is er aan de hand? riep Sergio boven het lawaai uit. De verlichting van zijn reispak was aangefloept zodat ze in ieder geval iets konden zien.

Nee! Nee! Het is niet waar! Shishbaum Hulonius drukte als een bezetene op allerlei knoppen, zonder enig resultaat. De terreinwagen was volledig ontstoken van leven. Zij kan mij dit niet flikken! Nee!

Wat is er aan de hand? vroeg Sergio met duidelijke bezorgdheid in zijn stem. Heeft de planeetgestalt ons gevonden?

Shishbaum Hulonius draaide zich naar Sergio om. Heel zijn lichaamshouding drukte hysterie en woede uit. Planeetgestalte? Nee, die feeks wil ons dood hebben. Zij heeft de systemen van de wagen gecorrumpeerd, net zoals ze met die gravers heeft gedaan. En zonder krachtvelden en bescherming is dit ding binnen tien minuten opengepeld door de stormen!

Wie heeft ons gesaboteerd? Voorvrouw Mangaï Keln?

De terreinwagen kraakte onder de kracht van een extra sterke windvlaag en voor een fractie van een tel was een aantal wielen van de grond. Met een tandenklapperende dreun kwam de wagen echter weer neer.

Nu lachte de archeoloog door zijn ademmasker heen. Die koude vis? Natuurlijk niet! Denk na man! Wie kon die behemoths saboteren? Wie heeft er een nep planeetgestalt klaar staan die ze kan gebruiken om onderzoekscommissies te foppen? Het is Mizene Cur-AC! Zij beheert de resultaten van de psychochecks! Hoe denk je anders dat wij ongemerkt te werk konden gaan?

Mizene Cur-AC en jij hadden het plan uitgedacht om door middel van een nep planeetgestalt Condrax Bergings Brigade van Oud-Drendor te verwijderen, waarna jullie in feite zeggenschap over heel de planeet en al haar kostbare erts kregen. Na een jaar of twintig, dertig zou de planeetgestalt, tegen een vorstelijke commissie, bereid zijn een bedrijf opnieuw te laten delven naar ertsen. Jullie zouden achter de schermen stinkend rijk zijn geworden.

Zou! Zou! Die feeks wil het voor zichzelf alleen hebben. Ze ruimt mij uit de weg, net zoals ze die zestien lieden heeft afgemaakt. Oh, ik had het aan moeten zien komen! huilde Shishbaum Hulonius vol frustratie. Hij wendde zich tot Sergio. En jij, stompzinnige problemenvorser! Zij heeft je ook bedot. En denk niet dat mijn bekentenis ons nu zal wreken. Als de storm deze wagen heeft opengebroken, knetteren elektrische ladingen door alle systemen. Er blijft geen brokje informatie bewaard!

Sergio knikte kalm. Het is dus inderdaad zoals ik vreesde. Mizene Cur-ACs gedrag was verdacht emotioneel voor een cybernaute. Zij trachtte mij af te leiden toen ik andere mogelijkheden dan een planeetgestalt overwoog. Shishbaum Hulonius, ik raad je aan jezelf aan te geven en je schulden te bekennen.

Je raaskalt! Wij zijn verstoken van iedere hulp! We zijn reddeloos verloren.

Nu schudde Sergio zijn hoofd. Integendeel. Zoals gezegd, ik had al mijn vermoedens hoe de vork aan de steel zat, en om Mizene Cur-AC uit de tent te lokken, bood ik haar een kans om zowel haar handlanger als een lastige onderzoeker in één klap uit te schakelen, plus daarbij nog een extra bewijs voor het bestaan van de planeetgestalt. Na ons verscheiden zou Buldurs Ogaine geen enkele keus hebben om externe onderzoekers te laten komen om de planeetgestalt van Oud-Drendor te onderzoeken. En vanzelfsprekend zouden ze een nepversie vinden die Mizene Cur-AC kunstig had geschapen en kon besturen.

Voordat wij vertrokken heb ik voorvrouw Mangaï Keln gevraagd om deze wagen te programmeren dat hij rondjes rond de Zuil reed, en om klaar te staan met een turbolift. Ik heb berekend dat onze pakken het lang genoeg zullen uithouden, om het te overleven. Als we niet te lang treuzelen. Aan jou de keuze, Shishbaum Hulonius. Je kan me volgen, of proberen buiten de Zuil te overleven. Sergio liet zijn reispak een luchtdichte helm groeien, en trok aan de noodhendel van het buitenluik.


Je bent een slimme snuiter, bromde Buldurs Ogaine. En je hebt je geld verdiend.

Dank u, sprak Sergio. Ze stonden in de hal voor de lift die Sergio van de planeet af zou voeren. De zuil sidderde nog steeds, maar Sergio merkte het nog amper. Hij was inmiddels een veteraan.

En ik voel me een domme putaal, dat mijn assistente de boel onder mijn neus aan het bedotten was, zei Buldurs Ogaine. Hij was niet een man die zijn emoties opkropte.

Zij bedotte iedereen, inclusief mijzelf voor een korte tijd. Het belangrijkste is dat ik de opgenomen bekentenis van Shishbaum Hulonius ongeschonden uit mijn pak kon halen. Hij zal zijn gerechte straf niet ontlopen. En wat betreft Mizene Cur-AC … Zijn stem stierf weg. Bij zijn terugkeer in de Zuil, was Mizene Cur-AC verdwenen. Een van de stormpakken miste en de beveiligingscameras lieten zien dat zij via een noodladder naar de oppervlakte was afgedaald.

Een reddingsteam had haar resten na twee dagen gevonden. Haar lichaam was te hevig gehavend om haar nog tot leven te wekken. Perma-dood.

Ja. Buldurs Ogaine sprak het woord ook niet hardop uit. Het is wat het is.

De ruimtelift arriveerde en de deuren schoven open.

Beide mannen schudden handen en namen afscheid van elkaar.

Alleen ging Sergio omhoog, weg van Oud-Drendor en de dingen die daar waren gebeurd.


Jaap Boekestein schrijft sciencefiction, fantasy, horror, thrillers en verder alle genres die hem interessant lijken. Sinds 1989 zijn er ruim 400 van zijn verhalen gepubliceerd in allerlei tijdschriften en bundels. Tevens zijn er vijf fantasy- en één sciencefiction roman van zijn hand verschenen, plus drie novelles, een kinderboek en drie verhalenbundels.

Hij won de Paul Harland Prijs, de Bemoste Beeld Prijs en in het Engels kreeg hij een eervolle vermelding bij de Roswell Prize en de tweede plaats van de Bill Crider Prize (thriller short story). Jaap Boekestein werkte o.a. in het gevangeniswezen, bij een recherchebureau en als uitsmijter.

http://jaapboekestein.com/

Lees hier meer verhalen